Abattoir Fermé, hier met ‘Ghost’, wordt wel nog af en toe gesignaleerd in Nederland. © Abattoir Fermé

Waarom is er nog amper Vlaams theater te zien in Nederland?

De Standaard

‘We wilden de band met Vlaanderen net weer aanhalen’, zei Jeffrey Meulman eerder deze week op deze pagina’s. Meulman is directeur van de Nederlandse editie van het Theaterfestival. Die dag had hij vernomen dat zijn festival geen subsidies meer krijgt. Op zo’n moment van rampspoed nog aan Vlaanderen denken, dat vonden we groothartig. Sinds enkele jaren wisselen de Vlaamse en de Nederlandse editie van het Theaterfestival enkele voorstellingen uit, maar meer dan deze living apart together schiet er niet meer over van de eendracht. En toen zei hij het: ‘Er is nog amper Vlaams theater in Nederland te zien.’
Hallo! Was dat zo? Een factcheck drong zich op. Want had Nederland niet jarenlang het Vlaams theater op sleeptouw genomen? Trokken onze toneelspelers niet met zijn allen naar het dichtstbijzijnde buitenland?
‘Helaas niet meer’, zegt Johan Van Assche, acteur en jarenlang zakelijk leider bij De Tijd. ‘Ons gezelschap heeft de gouden jaren nog meegemaakt. We zijn groot kunnen worden dankzij Nederland. Niet door Vlaanderen. In de jaren tachtig, ten tijde van de Vlaamse Golf, hadden we tournees van 35 tot 40 voorstellingen. De jongste jaren was er alleen nog Haarlem.’
Paul Schyvens, die met zijn boekingskantoor Thassos jarenlang op de theatermarkt zat, bevestigt die trend. ‘Populaire groepen als Blauwe Maandag Cie, De Tijd of De Roovers haalden makkelijk 25 tot 30 voorstellingen. Middelgrote huizen als Malpertuis of Het Gevolg tegen de twintig. Jan Decleir heeft er zijn monologen wel een keer of tachtig gespeeld. Die tournees waren mooi regionaal gespreid. Nu zijn er misschien nog vier speelplekken over.’
Those were the days, natuurlijk, toen het Vlaams theater op handen gedragen werd door onze noorderburen. Maar hoe is de theaterafname de jongste jaren geëvolueerd?

Lees hier het volledige artikel: De Standaard – 7 augustus 2016